29.8.13

Het woud van de pygmeeën

Een passage uit het boek 'Het woud van de pygmeeën' geschreven door Isabel Allende.

Een aanzwellend geluid van bijengezoem vulde de lucht en voor hun verwonderde gezichten stroomde de plek vol doorzichtige wezens: ze waren omringd door geesten. Het was onmogelijk ze te beschrijven, want een vaste vorm hadden ze niet, ze leken in de verte op menselijke wezens maar veranderden steeds alsof ze met rook getekend waren; ze waren niet naakt maar ook niet gekleed, ze hadden geen kleur maar gaven wel licht.
  Het intense, zangerige insectengezoem dat in hun oren trilde had een betekenis, het was een universele taak die ze konden verstaan, net zoiets als telepathie. Niets hoefden ze de geesten nog uit te leggen, niets te vertellen, niets te vragen met woorden. Die etherische wezens wisten wat er in het verleden was gebeurd en wat er in de toekomst zou plaats vinden, want tijd bestond niet in hun dimensie, waar zowel de zielen van de gestorven voorvaderen woonden als die van de wezens die nog geboren moesten worden, de zielen die permanent een geestelijke vorm hielden, en degenen die klaar waren om een fysiek gestalte aan te nemen, op deze aarde of op andere planeten, hier of daar.
  De vrienden vernamen dat de geesten zich maar zelden mengen in de gebeurtenissen van de stoffelijke wereld, hoewel ze soms dieren via hun intuïtie proberen te helpen, en mensen via hun verbeelding, hun dromen, creativiteit en via mystieke of spirituele openbaringen. Maar omdat merendeel van de mensheid niet in contact leeft met het goddelijke, vangen de mensen de boodschappen, de toevalligheden, de voorgevoelens, de kleine dagelijkse wondertjes waarmee het bovennatuurlijke zich manifesteert, meestal niet op. Ze realiseerden zich dat geesten geen ziekte, ongeluk of dood veroorzaken, zoals hun eerder was verteld, maar dat al het lijden voortkomt uit de slechtheid en de onwetendheid van de levenden. Ze zouden mensen die hen beledigen of hun woonplaatsen vernielen ook nooit kwaad berokkenen, want woningen bezitten ze niet eens en het is niet mogelijk hen te beledigen, net zo min als dat ze de offers, de geschenken en gebeden in ontvangst nemen, die dienen alleen maar om de mensen die ze aanbieden, zelf gerust te stellen.




Geen opmerkingen:

Een reactie posten